U bent hier

Winks of Tangency van Paul D'Haese

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - Paul D'Haese

 

Het is Kirgizië niet. De straatbeelden van Magnum Photography Awards-laureaat Paul D’Haese in Winks of Tangency zijn op-en-top Belgisch. Nochtans waan je je in een parallelle wereld. Het lijken verlaten filmsets, waar de decors zijn blijven staan en de rekwisieten zijn blijven liggen. Nergens wordt een locatie meegegeven, de wereld van D’Haese is ontdaan van haar identiteit. De langlopende reeksen waaruit geselecteerd werd, verwijzen eenvoudig naar het universum dat D’Haese onderweg vorm geeft: Belgopolis, Building An Imaginary City, Stuffy Shell.

 

René Magritte bracht losse elementen samen op een doek. D’Haese doet iets gelijkaardigs wanneer hij onze regio uitkamt. Wat we in de loop van de tijd quasi achteloos hebben samengebracht, lijst de fotograaf minutieus in, precies zoals hij het aantrof. Soms voelt de schaal onwezenlijk, soms geeft de uitlijning een Eschereffect.

 

In een bijgebouw zijn van een vroeger venster nog een tablet en één dagkantje achtergebleven. Het zijn beelden als matroesjka’s, waarbij de poppen niet helemaal in elkaar passen. Daarom is het ook aandoenlijke fotografie. Hoe plompverloren ook – pallet, kruiwagen en vorkheftruc voor een viaduct, een garage tussen twee wachtmuren, een schommel zonder zitjes bij een bedrijf – iemand had er de hand in. Op een van de foto’s zie je – als een knipoog (wink) – een handje een gordijn aanraken. Ook in de schikking van onze gordijnen en rolluiken en zelfs van onze brikaljon zit nog een zweem van intentie.

 

Bestaat er een zintuig voor ruimtegevoel? Dan wordt het door de foto’s van D’Haese aangescherpt. Je kan de plasticiteit van gebouwen of coniferen bijna ervaren, wanneer ze ogenschijnlijk de grond inzakken of elkaar wegduwen. Door maquettes te bouwen onderzoekt D’Haese verder het sculpturale, altijd vertrekkend vanuit een foto. In Winks of Tangency is op een uitklappagina een van die schaalmodellen opgenomen. D’Haeses tweede fotoboek kwam vorige winter uit op een moment dat hij in drie steden tegelijk exposeerde:44 Gallery in Brugge, Casa Argentaurum in Gent en Hangar Art Gallery in Brussel. De foto’s in zachtfrisse kleuren met veel detaillering vroegen kwalitatief drukwerk dat Stockmans Art Books kon leveren.

 

Sisyphus bepaalde de hoek waarmee hij zijn rots naar boven rolde, telkens opnieuw. Hij begon er tot ontsteltenis van de goden schik in te krijgen. We stellen ons D’Haese voor als een Sisyphus, op de cover van zijn tweede fotoboek staat namelijk een lijntekening van een open cirkel die een helling lijkt te bezweren. Het is de voorstelling van de tangens van de titel. Francis Denys noemt in een tekst het lichaam en de blik van de fotograaf de tangens, de raaklijn, die de hoek tegenover zijn onderwerp bepaalt. Op die manier raakt hij het landschap op dat ene punt aan. D’Haese voegde er zijn eigen winks, knipogen, aan toe. Sisyphus amuseert zich duidelijk met wat hij niettemin moet doen. De andere tekstbezorger, Jean-Marc Bodson, heeft het over het perfect normale slagveld van ons bestaan dat we zelf niet meer zien door onze geïnternaliseerde esthetische codes. Als je de kunstfotograaf maar geen documentaire fotograaf noemt. Wie het fotoboek meermaals doorbladert, gaat nadien tijdens het wandelen overal D’Haesefoto’s zien. Kirgizië of zo. Dat is wat alleen kunst kan.

 


Paul D’Haese in Winks of Tangency

90 blz.

€ 35,00

ISBN 9789077207604

Stockmans Art Books

www.stockmansartbooks.be

www.pauldhaese.be