U bent hier

Francisco de Goya - Proclamación de Brujas (Heksenproclamatie)

 

Een bekende boutade wil dat Francisco José de Goya y Lucientes (1746-1828) de laatste der grote oude meesters was en de eerste der modernen. En zoals in elke boutade schuilt ook hier een grond van waarheid in, terwijl ze tegelijk een overdreven simplificatie van de realiteit inhoudt.

 

Eerder dan vooruit op zijn tijd, was Goya vooral een man van zijn tijd. Als schilder doorliep hij een typisch parcours, in de leer gaand bij de neoclassicistische hofschilder Francisco Bayeu y Subías, aangevuld met een Italië-reis in de jaren 1769-1771. Ook zijn ideeën waren niet uniek: hij bewoog zich in intellectuele kringen en behoorde tot het entourage van de verlichte staatsman Gaspar Melchor de Jovellanos. Internationaal kan hij vergeleken worden met zijn net niet generatiegenoot, de Engelse schilder William Hogarth, ook een veelgevraagd portrettist die bekend stond om zijn bijtende maatschappijkritiek.

 

Goya en de traditie

 

Hoewel zijn werken zowel qua onderwerp als uitvoering innoverend waren, was Goya zich sterk bewust van de traditie. Naar eigen zeggen had hij drie voorbeelden: de natuur, Rembrandt van Rijn en Diego Velázquez. De invloed van Rembrandt is duidelijk in de virtuoze etsen; Velázquez was Goya’s voornaamste voorganger als hofschilder. In beperkte mate komen we in zijn schilderijen al sporadisch onderwerpen tegen die Goya ook behandelen. In de tentoonstelling zien we een prent getiteld Siempre sucede, met daarop een soldaat die verpletterd wordt onder zijn tijdens een charge ten val gekomen paard. Goya kende ongetwijfeld Velázquez’ befaamde ruiterportret van Gaspar de Guzmán, graaf-hertog van Olivares (1587-1645), waarop we in de achtergrond dode paarden herkennen naast het slagveld – een herinnering aan de vreselijke, niet louter menselijke tol van de oorlogen die moesten bijdragen aan de glorie van de geportretteerde en de monarchie.

 

Maar er valt ook iets te zeggen voor de stelling dat Goya de eerste van de modernen was. Meer dan eender welke andere schilder uit zijn tijd, was Goya een voorbeeld voor uiteenlopende kunststromingen als het realisme, de romantiek, het impressionisme en het surrealisme. Een bekende anekdote vertelt over het het laatste bezoek van Joan Miró aan het Prado, waarbij hij enkel verzocht om zijn twee favoriete schilderijen te zien: Velázquez’ Las Meninas en Goya’s enigmatische schildering van een hond uit de reeks Zwarte Schilderijen. Goya’s invloed op schilders als Édouard Manet en Pablo Picasso is goed gedocumenteerd en zou het onderwerp kunnen zijn van aparte tentoonstellingen.

 

Farideh Lashai

 

Met andere woorden: Goya leent zich goed tot vergelijkingen. Dat is dan ook de insteek die het MSK kiest. Het tweede deel van de tentoonstelling omvat werken van de Iraanse kunstenares Farideh Lashai (1944-2013), die net als Goya getuige was van belangrijke politieke omwentelingen in haar land. Goya diende verschillende vorsten: de hervormer Carlos III, de onmachtige Carlos IV, de verlichte despoot Joseph Bonaparte en de reactionaire autocraat Fernando VII.

 

Lashai groeide op onder het westers ingestelde maar autocratische bewind van sjah Mohammad Reza Pahlavi, maakte de kortstondige poging tot progressieve hervorming onder eerste minister Mohammad Mossadegh (afgezet bij een door de CIA gesteunde staatsgreep in 1953) mee, en werd ten slotte geconfronteerd met omvorming van het land tot een aartsconservatieve Islamitische Republiek na de revolutie van 1979 en de installatie van het ayatollah-regime.

 

Zoals Goya geconfronteerd werd met de Spaans Onafhankelijkheidsoorlog (1808-1814), kreeg Lashai te maken met de Iraaks-Iraanse Oorlog (1980-1988). Net als Goya moest zij de realiteit van de macht erkennen, maar ze bleef kritische werken maken, waarvan één (When I Count, There Are Only You… But When I Look, There Is Only a Shadow) rechtstreeks gebaseerd op de hier getoonde reeks Los desastres de la guerra.

 

James Ensor

 

Ook dichter bij huis had Goya een grote impact. Het MSK presenteert ons ook enkele werkjes van James Ensor (1860-1949) uit de eigen collectie. Ze lijken er helaas wat als een late gedachte bijgehangen en krijgen weinig context mee. Dat is jammer, want Ensors fascinatie met Goya en de Napoleontische periode verdienen het om verder uitgediept te worden – al moet toegegeven worden dat een dergelijke toevoeging het ritme van de tentoonstelling zou kunnen verstoren. De connectie kwam eerder wel al aan bod in de tentoonstelling in Antwerpen uit 2009, Goya Redon Ensor.

 

Francisco De Goya - Sopla

 

James Ensor - Tovenaars in de stormwind

 

Ensor kwam voor het eerst met Goya in aanrijking tijdens een bezoek aan het Palais des Beaux-Arts van Rijsel in 1884, waarover hij uitgebreid schreef aan de Spaanse schilder en medelid van Les XX Dario de Regoyos: “Ces peintures espagnoles m'ont remué le sang.” Goya’s coloriet had een grote impact op de jonge Ensor, die ook affiniteit voelde met de thema’s en de karikaturen van de Spanjaard. In de eerste plaats was er natuurlijk de maatschappelijke kritiek: Ensor zou meermaals machthebbers en bourgeoisie bespotten in zijn werken en ook een sociale kant ontbrak niet, zoals de scherpe prent Les gendarmes getuigt.

 

Maar vooral opvallend is natuurlijke de groteske beeldtaal die beide kunstenaars hanteerden, de karikaturen en maskerachtige tronies voorop. Goya kwam in aanraking met de inquisitie vanwege zijn befaamde naakte Maja, maar zeker in zijn prenten durfde hij al eens oneerbiedige taferelen te gebruiken. De tentoonstelling illustreert mooi hoe ook deze taferelen hun weg vonden in het oeuvre van Ensor – en dat bovenop het feit dat beide kunstenaars tot de beste prentmakers van hun generatie behoorden.

 

 

Elke maand bespreekt een tento.be-redacteur een kunstwerk. In februari is Robbe DeVriese aan de beurt.

Francisco de Goya

Proclamación de Brujas (Heksenproclamatie)

1797

Tekening voor Los Caprichos, nr. 69

Sanguine, lavis en aquarel op ivoorkleurig papier

200x135mm

Museo Nacional del Prado (Madrid)

Inv. D04155

 

Francisco de Goya

Sopla (Blaas)

Los Caprichos, nr. 69

Ets, aquatint, drogenaald en burijn 

210x148mm

 

James Ensor

Tovenaars in de stormwind

1888

Ingekleurde ets

179x238mm

MSK Gent

Inv. 1998-B-52

 

 

De tentoonstelling Ooggetuigen: Francisco Goya en Farideh Lashai loopt nog in het Museum voor Schone Kunsten Gent t.e.m. 7 mei 2017.