U bent hier

2010.6 - Openbaar Kunstbezit Vlaanderen

OKV2010.6
2010 - 48ste jaargang

Gerelateerde Artikels

Tijdens de herfst van 2010 opende in Noord-Frankrijk een nieuw museum. Het Musée départemental de Flandre, zoals het voluit heet, heeft als missie de culturele identiteit van Vlaanderen te belichten. Het museum is gevestigd in het oude burggraafschap Cassel en gehuisvest in het Hôtel de la Noble-Cour. 

De Zuidoost-Aziatische collectie van de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis is na drie jaar terug toegankelijk. Opgefrist met warme kleuren en opgesmukt met accessoires van topkwaliteit. Conservator Miriam Lambrecht gidst ons door deze exotische culturen.

Voor wie van boeken houdt, is het altijd feest in de Bibliotheca Wittockiana te Sint-Pieters-Woluwe. Het museum van het allermooiste boek toont een ensemble Art Nouveau boekbanden van Henry Van de Velde.

Eindelijk kan iedereen langs de grote poort de Koninklijke Bibliotheek van België binnenstappen. Het Librarium of het eerste boekmuseum in België is er voor het hele gezin en prikkelt alle zintuigen. 

De volledige Gossart

Mens, mythe en zinnelijkheid. De renaissance van Jan Gossart is een vuistdikke samenvatting van de actuele stand van zaken van het onderzoek naar kunstschilder Jan Gossart (ca. 1478-1532). De klepper is zowel een monografie waarin, als de begeleidende catalogus van de prestigieuze expo. 

Dit najaar maakte Luc Derycke de tentoonstelling Tegenlicht in het S.M.A.K., een complex onderzoeksproject dat iets vertelt over hoe schrijvers en kunstenaars vandaag de ruimte vorm geven. Het project weerspiegelde Luc Derycke’s artistieke praktijk.

In 1835 reed de eerste trein tussen Brussel en Mechelen. Ons land kende toen een economische opbloei en er was een groeiende vraag naar snel transport. De trein kon daar voor zorgen, maar grote gebieden moesten het zonder spoorlijn stellen. De overheid zag de noodzaak in om het spoornet te verfijnen en lokale lijnen aan te leggen.

E-BOOK

Vóór de invoering van de boekdrukkunst spendeerden kopiisten maanden tot jaren aan het minutieus overpennen van handschriften. Daarna wijdde de miniaturist zich met evenveel zorg aan het verluchten van de teksten. Tot op vandaag blijven de meeste manuscripten opgeborgen... maar steeds vaker worden die met behulp van moderne technieken ontsloten.