U bent hier

De Antwerpse ommegang van de Goden op de Olympusberg

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - Goden op de Olympusberg

 

Op vijfentwintig augustus trekt een vreemde stoet door Antwerpen. Het immense plafondschilderij Goden op de Olympusberg zal die avond van de achterkant van het Rubenshuis onder politiebegeleiding naar een straat parallel met de Grote Markt rijden. Qua art handling is dit een titanenwerk.

 

Goden op de Olympusberg werd in 1772 gemaakt voor de Hofkamer in het historische huis Den Wolsack in Antwerpen. De kunstenaar is onbekend. Het is het grootste plafondschilderij op doek in West-Europa: vijfenzestig vierkante meter. Voor restauratie verhuisde het doek eind 2008 naar het vroegere BBL-gebouw in de Lange Gasthuisstraat. Daar sloeg het noodlot toe. Het doek viel om en liep een aanzienlijke scheur op. Het werk kon volledig worden gerestaureerd. Nadien kreeg het doek, dat zo groot is dat het nergens veilig op te hangen viel, een tijdelijk plekje in de ontvangstzaal van het Rubenianum. Daar hing het netjes aan het plafond omringd door de onschatbare collectie wandtapijten. Intussen sleepte de gelijktijdige renovatie van de Hofkamer aan.

 

De erfgoedorganisatie Herita betrekt momenteel het erfgoedhuis. Het gelijkvloers van Den Wolsack, waar de Hofkamer zich bevindt, is nu afgewerkt. Dus keert Goden van de Olympusberg eindelijk terug naar de oorspronkelijke bestemming. Aangezien Herita privé-fondsen wil werven voor erfgoed, willen alle betrokken die terugkeer in de verf zetten. De Vlaamse minister-president komt met zijn gevolg en de pers het doek opwachten. In het verleden onderbrak het stadsbestuur tijdelijk tramlijnen en andere obstakels om monumenten te verhuizen. Dit keer is de route door de smalle middeleeuwse straatjes zeer nauwkeurig gepland. Het transport moet volstrekt veilig verlopen.

 

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - Goden op de Olympusberg

 

Een nieuwe mode van plafondschilderingen

 

Aan het einde van de zeventiende en het begin van de achttiende eeuw ontstond een nieuwe mode van plafondschilderingen. In tegenstelling tot de fresco-techniek, waarbij in natte kalkbezetting werd geschilderd, bestonden deze schilderijen uit grote stukken doek. Het uitzonderlijke formaat noopte doek in plaats van houten panelen. Die keuze had ook Rubens reeds gemaakt voor zijn gigantische werken in de Antwerpse kathedraal.

 

Een mooi voorbeeld van een dergelijke gerestaureerd achttiende-eeuws plafondschilderij is te zien in het Mauritshuis in Den Haag. Het werk van de Venetiaan Giovanni Antonio Pellegrini daar onderging tot 2014 een restauratie. De grens tussen decorateur en kunstschilder was vroeger tamelijk vaag. Ook toen bepaalde de faam van de kunstenaar de prijs. De bekendste schilder van dergelijke plafondschilderijen of plafondstukken in rococostijl  tijdens de achttiende eeuw was de Amsterdammer Jacob de Wit. Hij kwam als dertienjarige naar Antwerpen om een schildersopleiding te volgen. Ook de Luikenaar Pierre-Michel de Lovinfosse nam regelmatige een opdracht voor plafond- of muurschilderijen aan.

 

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - Den Wolsack

 

Den Wolsack wilde imponeren

In de zeventiende eeuw groeide het plafondstuk uit tot een prestigieus hebbeding. De Utrechtse schilder Willem van Honthorst leverde om die reden een plafondschilderij met als thema De oprichting van Oranienburg aan de keurvorst Frederik-Willem van Brandenburg - de latere koning van Pruisen die zich Prins van Oranje noemde. Het aanzien van plafondstukken in hoven en paleizen, zorgde ervoor dat rijke handelsfamilies deze hofkunst gingen imiteren. Het mag dan ook geen verbazing wekken dat de ruimte waarin Goden op de Olympusberg hing de Hofkamer heet. Het gebouw is ontstaan uit de veertiende-eeuwse wolnijverheid. De huidige achttiende-eeuwse architectuur diende om te imponeren. Zo bevatte de gevel een een uurwerk van Petrus Van Hoof senior, de Antwerpse klokkenmaker die ook een compleet nieuw uurwerk voor de kathedraal leverde in 1785 - een contract van 10.400 gulden.