De kunst van het portretschilderen - althans in de betekenis die wij er nu aan geven, namelijk de afbeelding van de mens in zijn persoonlijke kenmerken gekarakteriseerd - werd hier in de Nederlanden als genre vrij laat beoefend. In het midden van de veertiende eeuw zijn de als portretten bedoelde voorstellingen niet veel meer dan ideogrammen. De attributen ofwel de geschreven naamvermelding helpen ons dan bij de identificatie van de voorgestelde personen.
In reproduktie wordt hier het middenpaneel getoond van het driedelig 'Sacramentsaltaar' dat er in zijn geheel uitziet als een drieluik, wat het in werkelijkheid niet is, omdat de zijluiken het middenpaneel niet kunnen overdekken. Het altaarstuk, typisch produkt van de cultuur van de zuidelijke Nederlanden in de 15de eeuw, behoort tot een kunst, die zich inspireerde op godsdienstige thema's en ze tot verhalende voorstellingen verwerkte.
Voor dit paneel van middelmatig formaat werd onlangs te Brugge een plaats ingeruimd naast de meesterwerken van de Vlaamse Primitieven in het Groeningemuseum. Inderdaad gaat het om een merkwaardige aanwinst die de stad Brugge, met een milde staatstoelage, in 1964, uit een Zwitserse verzameling kon verwerven. Het stelt een geknielde dame voor, met haar patrones, de heilige Elisabeth van Hongarije. De heilige Elisabeth draagt het kleed van de derde-ordelingen van Sint Franciscus. De middeleeuwse mystiek heeft soms het beoefenen van de hoogste deugden door drie kronen verzinnebeeld.