Erfgoedbibliotheken in Vlaanderen
Vlaanderen bezit een schat aan erfgoedbibliotheken.
Patrick De Rynck neemt de lezer mee naar de depots
en leeszalen van onder meer de universiteitsbibliotheken
van Leuven en Gent, de bibliotheken van het Ruusbroeck-
genootschap en de Abdij van Averbode.
In de opwaartse beweging die het cultureel erfgoed in Vlaanderen nu al een aantal jaar beleeft, laten ook de erfgoed- of bewaarbibliotheken hoe langer hoe meer van zich horen: de sector en zijn uitdagingen werden in kaart gebracht, er kwamen aanbevelingen voor het beleid, het Platform Erfgoedbibliotheek Vlaanderen bracht voor het eerst de koppen en geesten samen en er vonden enkele opmerkelijke tentoonstellingen plaats, waaronder de succesvolle reizende, en ook virtueel te bezoeken, tentoonstelling Het dagelijks boek, met zeventiende-eeuwse boeken en boekjes die in hun tijd druk werden gelezen en verspreid. Het resultaat liet niet lang op zich wachten: in het Erfgoeddecreet van 2008 heeft de ‘Vlaamse Erfgoedbibliotheek’, een begrip dat zes bibliotheken uit dit themanummer overkoepelt, een plaats (en financiële middelen) gevonden.Waar hebben we het over? Wat zijn ‘erfgoed- of bewaarbibliotheken’? In één zin: het zijn de bibliotheken die zorg dragen voor ons documentair erfgoed: handschriften, boeken, kranten, tijdschriften en de zogenoemde ‘grijze literatuur’, dat is alles wat niet via boekhandels en uitgeverijen te verkrijgen is. Behalve het intellectuele patrimonium – een begrip waar deze bibliotheken al eens onterecht toe worden beperkt – vind je er dus ook de verhalen uit la vie quotidienne.
Het zal meteen ook duidelijk zijn dat ‘het veld’ bijzonder ruim is en dat ‘de spelers’ op dat veld ongemeen heterogeen zijn. Een niet-beperkende opsomming van de contexten waar deze bibliotheken thuishoren: ze kunnen deel uitmaken van een openbare bibliotheek, van archieven, van hogescholen en universiteiten, van kloosters en abdijen, van musea, van heemkringen enzovoort. Uiteraard kan het ook gaan om privébibliotheken van verzamelaars, maar dat segment is al helemaal terra incognita. Een van de zwaktes van de sector was – en is nog altijd – dat het geheel nauwelijks in kaart is gebracht. Gelukkig is daar nu stilaan verandering in gekomen, mede dankzij het Platform. Eén ding staat vast: de sector is vooralsnog zeer versplinterd en de manieren van werken zijn dat ook.
Het besef van het belang van deze erfgoedspelers neemt dus toe, enkele decennia nadat de musea zijn wakker geschoten. Zoals met alles wat erfgoed in Vlaanderen aangaat, is het na een lange tijd van stilstand en achteruitgang nu flink en dapper kiezen waar je prioritair aandacht aan geeft, middelen aan besteedt en voor samenwerkt. Erfgoedbibliotheken zien zich geconfronteerd met grote en soms dure kwesties als de conservering (met onder meer het bekende verzuringsprobleem van alle publicaties uit ca. 1850-1940 en van kranten; maar ook het gebrek aan opleiding ter zake is een groot probleem), de digitalisering (niet alleen van de bestaande collecties maar ook wat de bewaring van de virtuele productie in onze tijd betreft), het collectiebeleid (welke afspraken proberen we Vlaanderenbreed te maken? Wat met een eventueel Vlaams depot?)… Zowat al deze facetten van de bewaarbibliotheekwerking worden ook de decretale opdracht van de Vlaamse Erfgoedbibliotheek.

