U bent hier

Hans Bol - landschap met jachttaferelen

Hans Bol - landschap met jachttaferelen

Hans Bol behoort tot de Mechelse school van landschapschilders waarvan de meesten bij een 'doekschilder' opgeleid werden en als zodanig te Mechelen werkten tot zij, om godsdienstige of andere redenen, de stad verlieten en het 'doekschilderen' opgaven. Carel van Mander licht ons nauwkeurig in over die plaatselijke specialiteit. Zij was niets anders dan een namaak van wandtapijten die met water- of lijmverf op grof lijnwaad geschilderd werden en in vele gevallen decoratieve landschappen voorstelden. Hans Bol ontving zijn eerste scholing bij zijn oom Jakob. Toen hij zestien geworden was trok hij naar Duitsland waar hij twee jaar te Heidelberg verbleef. Daarna keerde hij naar zijn geboortestad terug en werd er in 1560 als meester ingeschreven. Zijn hierboven genoemde biograaf deelt ons mede dat hij 'behoorlijke doeken in waterverf' maakte en uitstekende landschappen composeerde. De Spaanse bezetting stelde in 1572 een einde aan zijn Mechelse periode. Hans Bol zocht zijn toevlucht in Antwerpen. Hier verwierf hij in 1574 het meesterschap en een jaar later het burgerrecht. Het duurde echter niet lang of ook de Scheldestad werd door de Spaanse troepen bedreigd. Dat dwong onze kunstenaar in 1584 naar het Noorden te vluchten. Hij woonde er te Dordrecht, te Delft en wellicht ook te Haarlem, tot hij eindelijk in 1591 te Amsterdam belandde om daar in 1593 te sterven. Als zijn voornaamste leerlingen worden Jakob Savery en Joris Hoefnagel genoemd. Afgezien van het grafisch werk van Hans Bol is er niets uit zijn Mechelse periode aan te wijzen dat hem met volstrekte zekerheid zou kunnen toegeschreven worden. Enkele bewaarde tekeningen uit die tijd laten invloed van Cornelis Massijs en Pieter Bruegel de Oudere vermoeden, maar kondigen reeds een vooruitstrevend en persoonlijk kunstenaar aan. Tijdens zijn verblijf te Antwerpen zou Hans Bol, volgens het zeggen van Carel van Mander, het schilderen van grote doeken gelaten hebben omdat zij te dikwijls nagebootst werden. Om dit te voorkomen begon hij miniaturen in waterverf of gouache, soms beide gecombineerd, op papier of perkament te schilderen. Ook in Holland zette hij die techniek verder ofschoon hij er ook olieverfschilderingen voortgebracht heeft. Het schilderijtje dat wij bespreken is een van bedoelde miniaturen en draagt het jaartal 1585. Het valt dus in de Hollandse periode van de meester, evenals een tekening die uit 1584 dateert en blijkbaar een ontwerp voor het miniatuurschilderijtje in kwestie geweest is. Een vergelijking van beide toont aan hoe Bol zijn tekening slechts met een paar figuurtjes bevolkte omdat hij het landschap zoveel mogelijk voor zichzelf wou laten spreken. Het schilderijtje daarentegen werd met uitvoerige jachttaferelen gestoffeerd. Aldus verloor het landschap zijn zelfstandig karakter, tegen de smaak in van de kunstenaar om die van de kopers tegemoet te komen en misschien om het de navolgers moeilijk te maken. Het 'Landschap met jachttaferelen' leunt in zekere mate nog aan bij de eigentijdse opvattingen die aan de panoramische landschappen van Patinir b.v. herinneren. Hans Bol gaat evenwel een stap verder in de richting van het zuivere, meer realistische landschap dat niet meer van op een hoogte wordt waargenomen en geen samenstelling of samenvoeging van alle mogelijke topografische bijzonderheden meer is. Hans Bol heeft zijn standpunt, voor een gedeelte van het werk althans, op de begane grond gekozen. Hij kijkt niet in de diepte maar voor zich uit. Bovendien is de boom zowel thematisch als compositorisch een belangrijk element in het landschap geworden. Vooreerst zullen wij de natuurlijke structuur van het landschap verkennen. Een heuvelige voorgrond is doorsneden van een holle weg die op het middenplan met een bocht langs een paar boerderijen heen en een kerk achter een woudzoom verdwijnt. Van hier af begint het terrein te glooien tot bij de heuvelkruinen aan de horizon. Zo ontstaat er een bijkomend landschap met kerken, kastelen, hoeven, wegen en vegetatie dat kunstmatig boven de bomen en de kerk op het middenplan uitstijgt. Het is een vergezicht dat normaal slechts van op een hoogte zou kunnen gezien worden en dus buiten het gezichtsveld van de schilder ligt, vermits hij voor de uitbeelding van voor- en middenplan zijn standpunt op de begane grond genomen had. Dergelijke tegenstrijdigheden komen herhaaldelijk in het traditionele 16e-eeuwse landschap voor. Verschillende willekeurige standpunten werden voor hetzelfde landschap genomen om het zodanig te kunnen composeren dat er een maximum aan details te zien was. Hier heeft Bol nogmaals zijn persoonlijke visie omwille van praktische overwegingen verloochend, want op de voorstudie is er geen spoor van een supplementair achtergrondlandschap te bespeuren. In het 'Landschap met jachttaferelen' hebben de bomen een overwegende functie, zowel afzonderlijk als in groep. De boom rechts vormt met de heuvel, waarop hij zich bevindt, een zijscherm dat het beeldvlak aan de zijkant en gedeeltelijk van boven afsluit. De boom en de linker heuvelrand, die op een grondscherm lijkt, omlijsten enerzijds het centrale uitzicht op het landschap en vormen met de boom die uiterst links op het middenplan verrijst een smalle doorkijk op de verte waardoor het diepte-effect in hoge mate versterkt wordt. Dezelfde ruimtewerking wordt verwekt door het heuvelprofiel dat zich scherp en donker tegen het zonnige middenplan aftekent. De boom links, meer dan zijn pendant aan de overzijde, suggereert in sterke mate de hoogtedimensie doordat hij reeds verheven staat en bovendien tot in de kruin wordt uitgebeeld. Hans Bol exploreert de ruimte in alle richtingen. Daarbij helpen weer de bomen die op het middenplan in dichte rijen naar rechts doordringen. De golvende kimlijn, die over heel de breedte van het schilderijtje zichtbaar is, versterkt mede de indruk van de uitgestrektheid. Nieuw bij Hans Bol is het groeperen van de bomen. Er bestaan weliswaar een paar vroegere gelijkaardige voorbeelden van andere kunstenaars, maar ze kunnen bezwaarlijk beschouwd worden als de voorboden van het woudlandschap wat bij onze meester onbetwistbaar het geval is. Hij toont ons immers de zoom van een woud waarvan het geheimzinnige schemer-duister op korte afstand van de weg reeds te merken is. Rond 1586 zal Bol dan zijn echte boslandschappen tekenen en zelfs schilderen zoals een grote miniatuur in het Louvre te Parijs bewijst. Hier legt Hans Bol de grondslag van het woudlandschap dat Gillis van Coninxloo enkele jaren later tot verdere ontwikkeling zal brengen. De menigte personages en dieren die het 'Landschap met jachttaferelen' stofferen zijn pittig getekend. Iedere beweging typeert de hartstocht van de jagers die te voet of te paard van alle kanten toegestormd komen naar de weg waar het opgejaagde wild door de jachthonden gevat wordt. Slechts weinige figuren zijn niet bij dit tafereel betrokken. Op een heuvel rechts richt een jager zijn musket naar een vogel op een tak boven zijn hoofd. Twee marskramers nemen een rustpoos in de schaduw van de heuvel die zij als steun voor hun zware mars benutten. Een van hen wijst naar een vluchtende haas die niet meer ontsnappen zal zodat ook beide mannen, al is het onrechtstreeks, in de driftige achtervolging delen. Een paar boeremensen wandelen rustig langs de dorpsstraat en geven weinig aandacht aan het heftige jachtgedoe. Twee wilde zwanen doorklieven met gestrekte hals de lucht. Een bundel zonnestralen doorbreekt een wolk en zorgt samen met de vogels en een betrokken hemel met windstrepen voor beweging die afgestemd is op het krioelend jachttoneel. Het koloriet, dat volgens een traditie van voor naar achter toe uit schakeringen van bruin, groen en blauw bestaat, is uiteraard van de gebruikte verfsoort mat en nogal koud. Het mist de fijne tussentonen die met meer doorschijnende verf kunnen bereikt worden en aan het geheel, koloristisch gesproken, ten goede komen. Tenslotte is het merkwaardig hoe Hans Bol met een eenvoudig middel de bladerbossen volume en leven geeft. Hij zet een groene grondtoon die de omtrek van de bladermassa's aftekent. Daarop stippelt hij met lichter groen de heldere partijen en de beschaduwde gedeelten met dieper groen. Dit geeft aan het gebladerte iets mals, maar ook een ietwat sponsachtig uitzicht. Het 'Landschap met jachttaferelen' is een van de zeer mooie miniatuurschilderingen van Hals Bol. Ze leert hem kennen als een uitnemend landschapschilder die tot de vernieuwing van dat genre heeft bijgedragen, wat echter nog overtuigender naar voren komt in later werk, zoals reeds hoger werd gezegd.