U bent hier

Atelierflat in Antwerpen - Thuiskomen bij Jozef Peeters

Atelierflat in Antwerpen: thuiskomen bij Jozef Peeters
Het atelier met het zelfportret uit 1914, Musea en Erfgoed Antwerpen.

 

Altijd iets om naar uit te kijken, zo’n atelierbezoek. In Antwerpen heb je de keuze: het Rubenshuis, het atelier van Panamarenko en ook de woning van Jozef Peeters, een van de kopstukken van het modernisme in Vlaanderen.

 

 

STATIEKAAI?

 

Het succes van Open Monumentendag bewijst het: andermans interieur met eigen ogen zien is spannend en we gaan massaal in op dat gezond voyeurisme. Bij een kunstenaarswoning komt daar nog de achterliggende gedachte bij dat dit de plek is waar hij zich goed voelde en zijn creativiteit geprikkeld werd, gegevens die door de biografie doorgaans bevestigd worden. Hoe zit dat met de woning van Jozef Peeters? 

 

Op 4 oktober 1924 verhuist Jozef Peeters (1895-1960) met zijn echtgenote Pelagia Pruym van de Begijnenvest naar de Statiekaai 7 (vandaag De Gerlachekaai 8), op dat ogenblik bijna aan de rand van de stad. Hun nieuwe woonst ligt drie hoog in een nieuwbouw die eigendom is van de Stad Antwerpen, een sober appartementsgebouw ontworpen door stadsarchitect Emiel Van Averbeke (1876-1946). 

 

Naar de maatstaven van die tijd is deze sociale woning een toonbeeld van gerieflijkheid, zonder luxe noch tierlantijnen. Uiteraard is er geen lift, die komt er pas in de jaren 1970. Er is wel stromend water, een binnentoilet, maar geen badkamer. Vooraan ligt de grootste ruimte: een hoekkamer met panoramisch zicht op de Schelde en de ongerepte linkeroever. Het is bedoeld als salon, bij Peeters wordt dit het atelier. Daarachter liggen achtereenvolgend twee slaapkamers en de woonkamer. De architect heeft ervoor gezorgd dat al die ruimten zich aan de straatkant bevinden. Aan de achterkant loopt de gang, daar liggen ook de keuken en het sanitair gedeelte. Die indeling en het feit dat de kamers niet onderling in verbinding staan, maar allemaal op die eigen gang uitgeven, zijn ook een totale breuk met de woonwijze die tot dan toe gebruikelijk was. 

 

De standaardinrichting, zoals schoorsteenmantels, deuren en vensters, is uiterst sober, op het armtierige af. Enkel in de traphal, met zijn voor die tijd kenmerkende granitovloer, herkennen wij even de decoratieve stijl van Van Averbeke. Bij elke overloop mondt de trapleuning op een geometrische eindstuk uit. Het is elegant, discreet en typisch Van Averbeke. 

 

 

GEMEENSCHAPSKUNST ALS KUNSTVORM

 

Jozef Peeters woont nu in een behoorlijke woning, die toch veraf staat van de verwachtingen die hij als artiest koestert en uitdraagt. Het feit dat hij als schilder de figuratie de rug heeft toegekeerd is niet louter een formele aangelegenheid. De abstractie past in een globaal concept dat hij de ambitieuze benaming ‘Gemeenschapskunst’ meegeeft. Beeldende kunstenaars en architecten moeten samenwerken vanuit een gemeenschappelijke visie. Voor de schilder betekent dit: “Het concept van de bouw zal dus gezamenlijk in zijn geest en in die van de bouwkunstenaar groeien. Hierdoor vervallen alle versierende handelingen van de schilder. Hij voert vlakken van kleur in de ruimte op, tot voldragen spanning. Hij betracht met kleuren van materiaal, woonruimten tot een harmonisch geheel te vormen. Deze ruimten zullen harmonisch zijn wanneer ze voldoen volgens de ritme der kleur en lijn, zowel aan de maatschappelijke als aan de geestelijke behoeften van ons bestaan.” 

 

De ideale oplossing van een kunstenaar die tegelijk architect, beeldhouwer en schilder zou zijn lijkt hem echter utopisch, dus moet er zo goed mogelijk worden samengewerkt. “Ik kan mij een ruimte indenken waarvan ieder vlak, voorbestemd door de architektuur, een andere kleur heeft, zonder daarom kontrast te verwekken, althans niet zo dat de rust gebroken wordt. Daarom zal een gamma van kleur het best toe te passen zijn. De vlakken der muren met openingen van vensters en vleugels van deuren en ingebouwde kasten, moeten zich proportioneel verhouden. Hierbij dient symmetrie vermeden en asymmetrie toegepast te worden op een wijze, die niet chaotisch aandoet. Wanneer men het doeltreffende in acht houdt, zal het chaotisch effekt wel steeds achterwege blijven.” 

 

Die overtuiging die hij in het tijdschrift Bouwkunde in 1924 in zijn typische dogmatische stijl poneert zal hij niet afzweren wanneer hij vanaf 1927 zijn eigen woning onder handen neemt. Ondertussen worden zijn twee kinderen geboren: dochter Godelieve in 1925 en zoon Maarten in 1926. Peeters verrast vriend en vijand door ostentatief zijn schilderloopbaan te onderbreken. Hij choqueert met zijn bewering dat hij het zich kan veroorloven omdat hij jaren voorsprong heeft op zijn collega’s. Hij legt zich nu volledig toe op het huisgezin. Hij ontpopt zich tot huisman, in een tijd dat de term nog moest uitgevonden worden, staat in voor het huishouden en de opvoeding van de kinderen, die aanvankelijk inderdaad niet naar school gaan. Pelagia die les geeft in het stedelijk onderwijs zorgt voor een vast inkomen, waarmee het huisgezin met zijn sobere levenswandel rondkomt.  

 

Hij maakt ook werk van de inrichting van de woning: het meubilair en de beschildering van alle ruimten volgens de principes van de ‘Gemeenschapskunst’, ondertussen herdoopt tot constructivisme. Zijn belangstelling voor toegepaste kunst is alleszins niet nieuw. Zowel in Het Overzicht als in De Driehoek, de tijdschriften die hij achtereenvolgens met Michel Seuphor en Eddy du Perron leidt, adverteert hij voor alle mogelijke opdrachten waarvan hij waarborgt dat zij stijlzuiver zullen worden uitgevoerd, of om het in zijn opvallende terminologie (en spelling!) te zeggen: “Speciaal gelouterde arbeidkrachten op dit gebied: afichen, grafiek, boekopluchting, vaaswerk, meubelkonstruktie, tapijtwerken, emails, broderies, enz.” 

 

Gelet op het gering aantal voorwerpen dat aan ‘Studio Jozef Peeters’ toe te schrijven is, kan het initiatief bezwaarlijk een succes worden genoemd. Peeters had er wel zijn hoop op gesteld, vandaar de aankoop van een massief weefgetouw dat de helft van het atelier innam. 

 

 

DE KLEUREN VAN DE DAG

 

De historiek van de beschildering van de ruimten is spijtig genoeg niet gedocumenteerd. Het was alvast geen voor de hand liggende opdracht, bemoeilijkt door het feit dat hij in een bestaande omgeving moest werken. Hij sluit compromissen die zijn totaalconcept gelukkig niet afzwakken. Hij is erin geslaagd de eigenheid van elke ruimte te beklemtonen. De kleurenkeuze is hierin van kapitaal belang: de gedempte en elkaar overlappende kleurvlakken van de woonkamer, de pasteltinten in de kinderkamer (charmant detail: de eigenhandig geschilderde groeimeter op de muur), de hevige contrasten in de slaapkamer, de klemtoon op helderheid in het atelier. Suggestie van geometrische vormen is toegestaan, maar hij hoedt zich voor illusionisme. Hij speelt met het sterk afgelijnd invallend licht op vloer en wanden. Vooral in de hal is dat opvallend. Er ontstaan diagonalen die Peeters bewust in de beschilderde gedeelten heeft geweerd. Zijn ander principe blijkt ook te werken: het vermijden van symmetrie. 

 

Die asymmetrische aanpak is duidelijk te zien in het ontwerp van de beschildering van de slaapkamer, het enig werkdocument dat bewaard bleef. De rechterwand is dominant blauw, maar dat vlak wordt op verschillende hoogten aangevreten door grijze en grijsblauwe langwerpige banden en door het overlappen van de plafondschildering. Aan de tegenoverliggende muur domineert het geel dat de stralen van de ondergaande zon nog intenser weerkaatst. De monochromie van het plafond wordt verbroken door een L-vormig blauw vlak dat het schaduwspel nog een beetje ingewikkelder maakt. 

 

In het atelier domineert de horizontale lijn van het glorieuze uitzicht op de Schelde. Die doorbreekt hij door de kleuren langs de buitenmuur trapsgewijs van donker naar helder te laten oplopen. Nog eens de meerwaarde van de asymmetrie.Je merkt het niet meteen: de banaliteit van deuren en schoorstenen. Peeters camoufleert ze niet, hij overvleugelt ze met kleur. 

 

 

MEUBELS VAN DE VAKMAN

 

Wie bij het meubilair eenzelfde principiële strakheid had verwacht komt bedrogen uit. Hier toont Jozef Peeters zich veel opportunistischer. Voor een schilder is meubilair een noodzakelijk kwaad, hij hecht er niet zoveel belang aan. In het atelier valt een massieve kast op, in de kinderkamer zijn dat de vernuftige opklapbedden, in de slaapkamer het uitklapbaar bureau, annex spiegel. De hoekige rolstoel herinnert eraan dat Pelagie van 1937 af met ernstige gezondheidsproblemen (multiple sclerose) kreeg af te rekenen. Het meubilair werd door Peeters getekend en door een vakman uitgevoerd. De ontwerpen waren niet bepaald bevlogen, maar volledig op het praktische afgestemd. De mooiste voorbeelden ervan zijn spijtig genoeg niet meer aanwezig: de verstelbare zetel-bureau-bed van Pelagie en de bijhorende zeteltjes. Hun vormgeving, met de gebogen rug, leunt veel meer aan bij de art deco dan bij het constructivisme.

 

De latere stukken, zoals de bedden en kasten van de slaapkamer, zijn helemaal minimalistisch, net zoals het vestiairemeubel in de hal. Maar hier valt dan weer op dat de kleerhaken van minderwaardige kwaliteit zijn en helemaal niet in harmonie met het geheel. Voor alle duidelijkheid: Peeters bouwde zijn meubels niet zelf, dat liet hij over aan een ervaren vakman.

 

Het gezin Peeters heeft hier intens geleefd. Jarenlang heeft hij voor zijn ziekelijke vrouw gezorgd, tot aan haar dood in 1955. Het schilderen gebeurde nog sporadisch om den brode, figuratief uiteraard, omdat abstract werk voor geen meter verkocht. Daar komt in de jaren vijftig verandering in. Een nieuwe generatie – rond het tijdschrift De Meridiaan en de kunstenaars van G-58 – ontdekt in hem een pionier van de abstractie. De waardering komt er eindelijk. In volle voorbereiding van een grote retrospectieve van zijn werk in het Hessenhuis sterft Jozef Peeters op 10 september 1960.

 

 

GODELIEVE PEETERS

 

Dochter Godelieve blijft het appartement bewonen en koestert de nalatenschap van haar vader. Hetzelfde kan niet gezegd worden van de stadsdiensten. Geregeld wordt op de schilderingen ingehakt: bij de plaatsing van de centrale verwarming, bij werken aan elektriciteit of loodgieterij. Het grootste gevaar komt nog met de renovatie van het gebouw. Nadat er eerst ernstig overwogen werd het pand zonder meer af te breken en te vervangen door een nieuwbouw, wordt het geheel gemoderniseerd. De oorspronkelijke gevel gaat nu schuil achter een parement van witte tegels, met moderne vensteropeningen. Het is aan de onverzettelijkheid van Godelieve Peeters te danken dat de derde verdieping een aparte vormgeving gekregen heeft, waardoor de aflijning van de oorspronkelijke vensters ongeveer behouden bleef. Zij stierf in 2009 en heeft het appartement met volledige inboedel aan de stad Antwerpen nagelaten. Sinds de herfst van vorig jaar is het opengesteld voor het publiek. Uiteraard op afspraak. 

 

De beschildering is met zorg gerenoveerd, het meubilair opgefrist. Aan de muren, werk van Jozef Peeters uiteraard, maar ook van gewaardeerde medestanders Jo Delahaut en Michel Seuphor. Dit is een woning waar effectief geleefd werd, die de kunstenaar ook kon inspireren. Blijf bij een bezoek even staan bij het schilderij Stemming uit 1956. Het hangt centraal in de woonkamer, voor de schoorsteen. Met dit werk nam Jozef Peeters na een jarenlange onderbreking opnieuw de penselen op. Er zitten hoogstandjes in, zoals het zelfportret in een bolle vaas en het stemmige Scheldezicht, knipoogjes zoals de klappeien achter hun raam en de uitdagend naakte buurvrouw waar Pelagie zo jaloers op was. Maar er is vooral het effect van de simultane voorstelling van een buiten- en binnenzicht, een typische futuristische formule in geactualiseerde vorm. Het meest opvallende is dat hij al die buitentaferelen vat in de geometrische beschildering van zijn eigen woonkamer, de ruimte waarin de bezoeker zich vandaag bevindt. Schilder Jozef Peeters groet vormgever Jozef Peeters.

 

Rik Sauwen

 


Info

 

Rondleiding

 

Atelierflat Jozef Peeters

De Gerlachekaai 8

2000 Antwerpen

Rondleidingen voor individuele bezoekers: elke eerste en derde zaterdag van de maand

Groepsbezoeken (max; 10 personen): donderdag

Reservatie: tel. 03 224 95 61 of publiekswerking@kmska.be

 

 

Archief

 

Jozef Peeters, Compositie 1921: OKV 1971/24

De mythologie van het alledaagse: OKV 1986 nr. 1

www.tento.be